Logo Hofstede Mijn Geluk en initiatiefnemer Jeroen Heesterbeek

Door: Netty Gabel

Lokaal van opzet, kleinschalig en met een duidelijke visie op wonen en zorg: dat is wat de plannen voor het wooninitiatief Hofstede Mijn Geluk kenmerkt. Twee ouders van nog jonge kinderen zijn er in geslaagd om diverse partijen te interesseren voor hun plannen. Joyce Prinssen zorgde voor een duidelijke visie op zorg en wonen, Jeroen Heesterbeek is vooral bezig om de plannen ook financieel haalbaar te maken. Maar er is nog een lange weg te gaan.

Als je wat wilt moet je op tijd beginnen, dat onderschrijft Jeroen Heesterbeek volmondig. Tot voor kort was hij bestuurslid van de Fragiele X Vereniging, maar nu slokt de ontwikkeling van het wooninitiatief zijn aandacht helemaal op. Zijn zoon Luke is op dit moment 10 jaar en dochter Madelein van zijn mede-initiatiefnemer Joyce is 14. Ze verwachten dat het nog wel een aantal jaren duurt voordat de Hofstede Mijn Geluk werkelijk gerealiseerd wordt. ‘We hebben met veel mensen van bestaande wooninitiatieven gesproken, en de gemiddelde voorbereidingstijd was 8 tot 10 jaar’ vertelt Jeroen. ‘Als ons huidige plan op de beoogde locatie niet doorgaat, zal het mogelijk ook zo lang duren voor er iets anders staat. We werken nu samen met een projectontwikkelaar uit ons netwerk die bezig is met een nieuwbouwproject in de gemeente Tilburg. De planopzet is inmiddels ingediend bij de gemeente, we wachten nu op een beslissing over het principeverzoek

Netwerk gebruiken

Joyce en Jeroen kwamen er tijdens een eindejaarsbijeenkomst van de school voor speciaal onderwijs van hun kinderen achter dat ze allebei bezig waren met het idee van een wooninitiatief. Een leerkracht die beide kinderen kende bracht ze met elkaar in contact en dacht mee. Inmiddels is er al contact met een zorgorganisatie die ze op het oog hebben en ligt er een compleet ontwerp van een architectenbureau. Door gebruik te maken van hun netwerk hebben Jeroen en Joyce meerdere partijen bij het plan betrokken, ook mensen     met de nodige ondernemerservaring binnen dit segment. ‘Daarom zou het in verhouding snel kunnen gaan, maar dat is natuurlijk niet zeker’ stelt Jeroen.

Woonconcept

Het plan Hofstede Mijn Geluk is een wooninitiatief en geen ouderinitiatief, en dat is niet voor niets. ‘We willen een compleet woon-zorgconcept  aanbieden, dat we met een paar mensen voorbereiden en er financiering bij zoeken. We zorgen voor de realisatie van het complex, maken een exploitatieopzet en zorgen voor een passende zorgverlener voor de doelgroep waaraan de volledige zorg wordt uitbesteed, en dan kunnen bewoners zich inschrijven op het geheel: wonen, zorg en dagbesteding, waarbij wonen en zorg gescheiden zijn. Wie hier komt wonen gaat akkoord met de visie op het wonen en met de zorg die wordt aangeboden. We nemen zelf geen zorgverleners in dienst, maar hebben een zorgorganisatie op het oog om mee samen te werken. We willen op papier wel zeggenschap over de zorg hebben en behouden, maar dat hangt ook af van de vraag wie uiteindelijk eigenaar wordt van het complex. Zelf heb ik het liefst een beheerstichting, die als opdrachtgever fungeert voor de zorgverlener, maar de financiering daarvan is nog niet rond. Mocht uiteindelijk toch de zorgorganisatie eigenaar van het complex worden, dan zijn we op papier de invloed kwijt als bestuur. Dat heeft niet onze voorkeur, want we willen het liefst een vinger in de pap houden voor de lange termijn.’

Creatief denken

Met de kosten van de bouw ben je er niet, alles staat of valt met de kosten voor bewoners en de eigenaar van het vastgoed op langere termijn. ‘Om het plaatje voor de bewoners rond te breien zullen we moeten zoeken naar creatieve financieringsvormen en dat wordt lastig’ voorspelt Jeroen. De oorspronkelijke, zeer kleinschalige opzet is al uitgebreid omdat grote zorgverleners tegenwoordig minstens 24 woonplekken nodig hebben om 24-uurszorg te kunnen bieden. Zo kan de zorg worden bekostigd, maar dat is nog niet het hele verhaal. Jeroen heeft al een aardig beeld: ‘De bewoners hebben naast hun WaJong ook recht op huurtoeslag, want het wordt sociale huur en we willen ook externe dagbesteding gaan aanbieden, dus aan cliënten die niet op de Hofstede Mijn Geluk wonen.  Het zal altijd passen en meten blijven, maar het kan wel.’

Continuïteit

In deze fase van de plannenmakerij zijn Jeroen en Joyce vooral gericht op twee zaken: de realisatie van het vastgoed en de keuze van de juiste zorgorganisatie. In het projectplan staat al veel over de gewenste woonsituatie in de Hofstede Mijn Geluk: kleine woongroepen van (jong)volwassenen in gezinssfeer, waarbij de bewoners wel een eigen woon/slaapkamer hebben.  De groepen zullen ‘verticaal’ worden samengesteld, dat wil zeggen met een mix van mensen met een lichte tot ernstige (meervoudige) beperking, die elkaar onderling kunnen inspireren en ondersteunen. Er wordt gedacht aan een vast team van begeleiders, de inzet van enthousiaste ouders en vrijwilligers bij gezamenlijke activiteiten en een harmonieuze sfeer met plaats voor humor. Hoe dat in de toekomst kan worden gegarandeerd, is nog lang niet zeker, geeft Jeroen toe. ‘Continuïteit is super belangrijk, en je weet gewoon niet hoe het gaat lopen. De praktijk is weerbarstig, en het is de vraag hoe je op den duur de ouders en/of naasten erbij betrokken houdt’.

Nadenken over toekomstige risico’s is belangrijk, maar op dit moment gaat het erom vertrouwen te hebben in de mogelijkheden. Jeroen is optimistisch: ‘ We denken dat het slaagt. Als het principeverzoek wordt geaccordeerd en de bestemmingsplanwijziging wordt goedgekeurd en we mogen bouwen, dan komt het er vast, linksom of rechtsom.’